|
|
Aan het werk
Je kijkt even op
als ik je kantoor binnen kom.
Zonder iets te zeggen
ga je verder met je werk.
"Zal ik thee voor je halen?"
Afwezig wijs je dit af.
Je geeft mij een stapeltje faxen
en ontwijkt elk oogcontact.
"Wil je vanmiddag nog mee rijden?"
probeer ik.
"Nee, dank je,
ik ben met de trein."
Het is kil
in het warme kantoor.
De deur kan ik niet sluiten
en laat hem op een kier.
M'n voetstappen klinken hol
in de lange gang.
Achter mij hoor ik
een deur dicht gaan.
|
|